Na 64 dagen staat de proef op +6,5% tegen +1,8% voor de S&P bij een max drawdown van -2,1%, maar de attributie is nuchterder dan het cijfer: de voorsprong komt vrijwel volledig uit een sterk gecorreleerd energieblok en uit rotatie richting defensieven (JNJ, KO), terwijl het AI-/techbeen van de barbell (NVDA, AVGO, TSM, GOOGL, AMZN, AAPL) per saldo vlak staat en dus nog niets heeft bewezen — in geen van beide richtingen. Het proces oogt op dit moment sterker dan het resultaat: exits werden gedreven door fundamentele scoreverslechtering en vooraf vastgelegde omslagvoorwaarden, niet door P&L-gevoel, en 'ongewijzigd houden' werd expliciet getoetst in plaats van uit traagheid gedaan. De zwakke plek is concentratie op factorniveau — één beweging in de olieprijs of in hyperscaler-capex raakt meerdere posities tegelijk — en het feit dat de kleine drawdown nog geen echte stressperiode heeft doorstaan. De horizon is te kort en de steekproef te klein om hier vaardigheid uit af te lezen; de juiste houding is doorgaan met dezelfde monitoringdiscipline en het rendement blijven ontleden in bèta en selectie.
Lessen:
- Splits elk rendement eerst in macro/sector-bèta en eigen selectie: drie energienamen (COP, EOG, XOM) dragen het leeuwendeel van de voorsprong en dat is grondstofcyclus, geen bewezen stock-picking.
- Bewegingen binnen de normale volatiliteitsbandbreedte van een aandeel (~±5% bij NVDA, AVGO, TSM, GOOGL, LLY) zijn ruis en mogen nooit als bevestiging of ontkrachting van een these tellen.
- Leg vóór aankoop schriftelijk vast wélke feiten — niet welke koersniveaus — de these breken, anders wordt de koersstand zelf ongemerkt het bewijsmateriaal.
- Meet clusterrisico op factorniveau in plaats van per naam: energieprijs, hyperscaler-capex, defensiebudget en rentemarge lopen elk door meerdere posities tegelijk.
- Een gladde, laag-volatiele koerslijn zegt niets over de aard van het risico — juridische claims en patentklippen (JNJ) zijn schoksgewijs en binair en vragen dezelfde monitoring als een high-bèta naam.
- Bepaal positiegrootte zo dat een drawdown van 20-30% in cyclische of AI-gerelateerde namen te dragen is zonder de these te herschrijven, en snoei winnaars die door koersstijging ongemerkt te zwaar wegen.
- Verkoopbeslissingen die uit fundamentele scoreverslechtering komen (MRK, GD, UNH) zijn proceswinst; verkopen op basis van P&L-gevoel is dat niet — beoordeel dus het proces, niet de uitkomst.
- Een lage max drawdown die nog geen echte stressperiode heeft meegemaakt is een regime-observatie, geen bewijs van risicobeheersing.